Wall of Fame | André Oosterom: het eerste actuariële talent van T&P

Actuaris Achmea André Oosterom nieuwste lid Wall of FameMet de Wall of Fame zetten we de legendes in de spotlights die Talent&Pro hebben gemaakt tot wat het nu is. Zoals André Oosterom. In 2022 ging hij uit dienst, na een T&P-carrière van ruim achttien jaar. We schrijven 2004. Het jaar van de beruchte rode kaarten EK-wedstrijd Portugal – Nederland. Het jaar dat World of Warcraft werd uitgebracht. En het jaar dat het sociale media-platform Hyves voor het eerst het levenslicht zag. Maar het was ook het jaar dat Talent&Pro zelf actuariële talenten ging ontwikkelen. André was daarvan de eerste. Daarmee is hij eigenlijk een beetje de Principal Consultant, lang voordat de Principal Consultant een ding werd. Hij neemt ons in dit Wall of Fame-interview mee in zijn reis van econometriestudent naar actuaris bij Achmea.

Wat kun je vertellen over die reis van student naar onze Wall of Fame?

Inmiddels ben ik 45 jaar en lijkt het een eeuwigheid geleden dat ik hier als onbeschreven blad binnen kwam. Ik solliciteerde bij A Sure Talent, toen nog gevestigd in Leusden. Tijdens het sollicitatieproces bleek dat er plannen waren voor een actuariële tak, Add Talent. De baas van die nieuwe business unit, Martijn Camphens, werd erbij gehaald. “Ga eens met hem praten, dat actuariële traject is misschien wel iets voor jou.” Tijdens die gesprekken kwamen we tot de conclusie dat ik het gewoon moest gaan doen. Dat maakte mij destijds de eerste actuariële medewerker binnen Talent&Pro.

Wat waren jouw verwachtingen van een carrière hier?

Nou, ik had een studie Bedrijfskunde gedaan en een master Financieel Management. Dus ik was op zoek naar een stap in de financiële hoek, maar ik had geen hele heldere blik van wat ik precies wilde. Het concept van detachering sprak me daarom zo aan. Wat zoektermen later vond ik Talent&Pro online. In die tijd deed mede-oprichter Maarten ook gewoon nog sollicitatiegesprekken met starters. Dat geeft je wel een beetje een idee van de omvang van het bedrijf. Het was echt een bedrijf in ontwikkeling nog.

Hoe was het om het eerste actuariële talent te zijn?

Dat was vooral pionieren. De business unit was vooral bezig met mensen werven, maar daarop volgden snel een hoop belangrijke mijlpalen, ook voor mij persoonlijk.

Ik kan me bijvoorbeeld mijn eerste echte actuariële opdracht bij Mercer herinneren, een internationaal HR consultancybedrijf. Daar mochten we met vier collega’s starten. Nul ervaring binnen het actuariaat natuurlijk, maar vanwege ons jeugdige enthousiasme kregen we toch de kans. Dat was wel kicken. Ik doe een beetje lacherig over dat jeugdige enthousiasme, maar je houding en inzet speelden en spelen natuurlijk echt wel een rol bij het krijgen van kansen. Soms was dat belangrijker nog dan de inhoud. Ik heb me regelmatig voor een intakegesprek druk gemaakt dat ik over de actuariële inhoud doorgezaagd zou worden, maar vaak waren ze met name op zoek naar de klik en of je in een team paste.

Een opleidingsstraat bestond toen nog niet. De opleiding Actuarieel Rekenaar leek ons een goede start, dus dat zijn we gaan doen. Vanaf dag één gebeurde dat bij Talent&Pro inhouse. Elma Bos, actuaris, verzorgde die cursussen destijds. Want eigen actuarissen die dat konden doen hadden we nog niet natuurlijk. Dat is tegenwoordig anders, maar toen was het pionieren. Dat waren mooie tijden. We hadden niet allemaal een leaseauto, dus dat betekende dat je na een lesavond met z’n allen afgezet werd op Amersfoort Centraal, zodat je nog enigszins bijtijds thuis was. Later kwamen daar de eerste Personal Performance trainingen en de Management Development cursussen van Jan de Jong bij.

Vervolgens heb ik de opleiding Actuarieel Analist ook nog afgerond, maar aanvankelijk was het echt samen uitvogelen hoe je je kennis verder kon ontwikkelen als actuarieel professional.

Hoe belangrijk waren die actuariële opleidingen voor de opdrachten die je mocht doen?

De vakinhoudelijke opleidingen, dus de opleiding Actuarieel Rekenaar en Actuarieel Analist, gaven je de wiskundige basis om te snappen wat er gebeurt op zo’n actuariële afdeling. Bij veel klanten was het werk van de “verzekeringswiskundige” modelmatig ondergebracht in Excel, of een andere tool waarin je met overlevingstafels gaat rekenen of programmeren. Die basis heb je echt nodig. De opleiding Actuarieel Analist geeft je vervolgens een iets bredere basis, maar de hardcore actuariële rekentechniek leer je bij de opleiding Actuarieel Rekenaar.

“In totaal heb ik in mijn T&P-jaren dertien opdrachtgevers gezien. Dertien organisaties waar ik heb mogen meedraaien en groeien waardoor ik de actuariële professional heb kunnen worden die ik nu ben.”

Die eerste opdracht was een mijlpaal, welke andere opdrachten zijn je het meest bijgebleven?

Voor mijn afscheid heb ik ze nog even op een rijtje gezet. In totaal heb ik in mijn T&P-jaren dertien opdrachtgevers gezien. Dertien organisaties waar ik heb mogen meedraaien en groeien waardoor ik de actuariële professional heb kunnen worden die ik nu ben. Qua inhoud waren het wel hele verschillende klussen. In de verzekeringen en pensioen bij Mercer. Bij VvAA heb ik me beziggehouden met productinrichting en het hele testtraject daaromheen. Voor Syntrus Achmea ging het om conversie controles en heb ik later ook meegewerkt aan de maand- en jaarwerken, dus echt de actuariële verslaglegging. Binnen Syntrus Achmea ben ik ook doorgestroomd naar de actuarieel advies-afdeling. In die rol kijk je meer vooruit. Hoe gaan we de premiestelling veranderen? Moeten we iets aan onze actuariële grondslagen doen? Dat soort vraagstukken. Dan zit je weer iets dichter op de besluitvorming. Bij Mercer en later bij het pensioenfonds van IBM kreeg ik te maken met de boekhoudkundige standaarden voor jaarverslagen, IFRS en FAS. Dan kijk je op de balans van de werkgever hoe bijvoorbeeld de pensioenverplichtingen gewaardeerd moeten worden.

Vanuit al die verschillende opdrachten neem je kennis en ervaring mee. Niet alleen op inhoud, maar ook ten aanzien van omgaan met deadlines en klanteisen. Die verschillende omgevingen ontdekken met al hun eigenaardigheden opent je ogen ook voor het feit dat het gras niet altijd groener is bij de buren. Daarom neem je op een gegeven moment ook met overtuiging de stap naar een opdrachtgever als vaste werkgever.

Daarom zit je nu bij Achmea als actuaris. Hoe bevalt het daar?

Klopt! Ik heb meerdere keren bij Achmea op opdracht gezeten. En in die periodes heb ik ontdekt dat actuarieel advies binnen deze organisatie een goede stap voor mij zou zijn. Van alle opdrachten heb ik het hier toch het meest naar mijn zin gehad. Ik kan het rekenkundige en het taalkundige hier met elkaar verbinden. In het vertalen van de rekentechniek naar een voor het bestuur begrijpelijk advies ligt toch echt mijn kracht. Zij zijn niet geïnteresseerd in sec de rekenresultaten, maar willen op twee A4-tjes een goed onderbouwd advies hebben. Achmea zag en ziet mijn meerwaarde daarin. En gelukkig was dat ook mogelijk. Het helpt om aan te geven dat je een vast dienstverband in de toekomst wel zou zien zitten. Toen is ook het balletje voor mij gaan rollen namelijk. Mijn werkzaamheden zijn niet wezenlijk veranderd, maar je wordt als “interne” medewerker wel sneller vooruitgeschoven om het contact met het bestuur van de verschillende pensioenfondsen te onderhouden. Die taken wil ik de komende tijd gaan uitbreiden.

Welke herinneringen maken je het meest trots als je terugdenkt aan achttien jaar Talent&Pro?

Er zijn, naast de primeurs waar ik getuige van heb mogen zijn, een heleboel trotse momentjes. Jezelf assertiever zien worden bijvoorbeeld, tijdens mijn eerste telefoonklus op de afdeling Acceptatie Motorvoertuigenverzekeringen bij Stad Rotterdam Verzekeringen. Dat was zeker een ontwikkelpuntje voor mij. Het zijn niet altijd de leukste opdrachten, maar ze zijn wel heel waardevol. Leren omgaan met een klant die een groot risico bij je probeert onder te brengen, dat is uitdagend. Maar je merkt dat je je gaandeweg steeds beter beweegt in een zakelijke omgeving.

Een ander voorbeeld is mijn opdracht bij het pensioenfonds van IBM. Daar konden deelnemers zich op een gegeven moment inschrijven voor een informatiesessie over een nieuwe pensioenregeling. Als je dan voor een grote groep deelnemers mensen mag bijpraten en merkt dat iedereen aandachtig luistert, dat zijn wel herinneringen die ik koester. Ik heb misschien het geluk gehad ik op een heleboel opdrachten als vooruitgeschoven pion aan de slag mocht. Het gaf me in ieder geval de gelegenheid om werk naar me toe te trekken buiten het project waarvoor ik was ingevlogen.

In die zin hebben de eerste actuariële collega’s een belangrijke bijdrage geleverd aan het opbouwen van een actuariële naam binnen de pensioen- en verzekeringsmarkt. Als een Hen Veerman, mede-oprichter van Triple A – Risk Finance, ziet dat die gasten van T&P wel weten wat ze doen, dan is dat heel belangrijk voor de groei van ons bedrijf. Want er zijn weinig opleidingen die studenten klaarstomen voor een actuariële carrière. De actuarissen liggen er niet voor het oprapen. Ik merkte ook dat opdrachtgevers me vaker gingen zien als gesprekspartner zien bij capaciteitsproblemen. “Kun jij even nagaan wat jullie in huis hebben?”. Dat is toch wel een mooi bewijs van de credits die je met de jaren opbouwt.

Het is heel waardevol om jezelf al werkende, met de voeten in de klei, te ontwikkelen binnen het actuariaat. Die mogelijkheid bieden bijzonder weinig organisaties. En dat is waar het uiteindelijk om zou moeten draaien bij werkgevers: je mensen de mogelijkheid geven om zich te ontplooien. Dat was de bedrijfscultuur in 2004 en dat was de bedrijfscultuur toen ik dit jaar afscheid nam nog steeds.

“Het is heel waardevol om jezelf al werkende, met de voeten in de klei, te ontwikkelen binnen het actuariaat. Die mogelijkheid bieden bijzonder weinig organisaties.”

De mensen maken natuurlijk ook de cultuur. Welke collega’s zijn voor jou belangrijk geweest?

Een aantal mensen en groepen moet ik dan noemen. Mijn People Managers natuurlijk. In die achttien jaar heb ik er een stuk of vijf gehad. Nataschja Budel, Gert Jaap Haan, Pieter de Vos, Marcel Oliemans en Mathilde de Oude. Toch wel een beetje de zwaargewichten op dat gebied. Op sleutelmomenten in mijn carrière zijn ze er voor me geweest.

Ook als Principal Consultant vond ik het nuttig om met iemand te kunnen sparren. De gesprekken vinden dan wel op een ander niveau plaats en met een andere frequentie. Daar waar je als starter je vaste maandelijkse bijpraatmoment hebt is dat later vooral op basis van behoefte. Dan praat je met elkaar over vragen zoals waar je heen wilt in de toekomst en wat je qua opleidingen nog kunt oppakken. Die gesprekken heb ik met Mathilde (de Oude, red.) nog wel regelmatig gehad als Principal.

Mijn People Managers hebben altijd heel goed een vinger aan de pols gehouden en ervoor gewaakt dat ik ook op mijn werk, ondanks de drukte van een groeiend gezin, aandacht hield voor mijn professionele ontwikkeling. Het is echt niet zo dat je People Manager elke dag aan de telefoon hangt, maar het is goed om op gezette tijden na te denken over je toekomst. Het initiatief daarvoor blijft wel echt voornamelijk bij jezelf liggen.

Daarnaast is die startersgroep waarmee ik de opleiding Actuarieel Rekenaar doorliep toch wel heel belangrijk geweest. Dat zorgt voor de nodige binding met het bedrijf. Tegelijkertijd motiveer je elkaar om die opleiding te voltooien. Je moet er tenslotte flink wat van je eigen tijd in steken om te slagen. Er zijn echt wel momenten geweest bij die actuariële stof dat ik dacht: ik snap dit niet. Dan is het fijn dat je bij elkaar terecht kunt. De drempel om naar je docent te stappen is toch net iets hoger. Het is ook nu nog altijd leuk om die collega’s weer tegen het lijf te lopen. En dat gebeurt regelmatig, want het actuariële wereldje is best klein. Het feit dat we met Talent&Pro en House of Bèta zoveel mensen zo’n actuarieel ontwikkeltraject bieden maakt ons uniek. Ik ben trots dat ik daar zo lang onderdeel van heb mogen zijn.

Tot slot, heb je nog een mooie boodschap of tip voor de actuariële talenten van nu. Hoe kom je op de Wall of Fame?

Een dienstverband van achttien jaar helpt ongetwijfeld! Qua tips staat me het adagium bij dat ik in mijn tijd bij Mercer eens ontdekte: “assume makes an ass out of u and me”. Neem nooit zomaar dingen aan. Het gebeurt vaak dat dingen van tevoren niet helder genoeg zijn. Dan kun je een aanname doen, maar mijn ervaring is dat het dan meestal ergens toch fout gaat. Ik denk verder dat het goed is om altijd een bredere blik te houden in alles wat je doet. De techniek van een actuaris kun je op opdracht steeds verder ontwikkelen, maar zeker bij een traineeship gaat het er ook om dat je op verschillende vlakken ervaring opdoet. Ik spreek uit ervaring als ik zeg: omarm verandering, dan leer je het meest en het snelst.